Keaton Henson - Monument (Pias Records)

Recent en ander nieuws uit de muziekwereld
Plaats reactie
Gebruikersavatar
Kilroy
Site Admin
Berichten: 19569
Lid geworden op: 15 sep 2012, 18:26
Locatie: Asper, België
Contacteer:

Keaton Henson - Monument (Pias Records)

Bericht door Kilroy »

Keaton Henson wil troost bieden en zichzelf troosten.

De voorbije jaren heeft Keaton Henson zowat alle, de mens bekende emoties behandeld in zijn kunst. Vaak had hij het over verlies, maar nog nooit had hij het over de slepende ziekte en het verlies van zijn vader. Dat thema snijdt hij aan op ‘Monument’ dat tegelijk een ode is aan zijn vader en aan het leven na de dood.

Afbeelding

In 2010 startte Henson zijn carrière nadat hij, aangemoedigd door een vriend een aantal songs online gooide. Zane Low en zijn collega’s pikten hem op en trokken hem uit de slaapkamer en voor het voetlicht. Hoewel, dat laatste is relatief, want Henson treedt amper op, houdt zich ver van social media en geeft zelden interviews. Hij steekt al zijn tijd in muziek, poëzie en beeldende kunst en bracht ook al een stripboek uit. Hij is dus enorm productief, al leek het er vier jaar geleden op dat hij de muziek vaarwel zou zeggen. Uit het niets bracht hij in 2016 de song Epilogue uit en daarna hing hij de gitaar in de wilgen.

Drie jaar later kwam hij terug, maar niet met een singer-songwriterplaat. Hij componeerde een heuse symfonie die hij ‘Six Lethargies’ doopte en die de bedoeling had de luisteraars de eigen angsten te laten ondervinden. Tijdens de eerste opvoering ervan werd het publiek zelfs aan monitors gelegd om het angstniveau de belichting aan te laten sturen.

Na deze intense periode verliet Henson Londen en trok hij naar Canada. Eén van de mooie resultaten van die reis is het door merg en been gaande Ontario, één van de hoogtepunten op deze plaat, waarin Henson een dot van een melodie koppelt aan een tekst over medicijngebruik en fluisterelektronica.

Na zijn reis trok Henson zich terug op het Engelse platteland. Het was daar, temidden van de natuur, dat hij de rust vond om deze erg persoonlijke plaat te maken. Eentje waarmee hij lijkt terug te keren naar de basis: stem en gitaar. Al is dat niet helemaal waar, want hij vervlocht er ook heel subtiele elektronica (van Leo Abrahams en Luke Smith) doorheen en voor drums en percussie kreeg hij hulp van niemand minder dan Philip Selway van Radiohead. Op While I Can Is de saxofoon van Charlotte Harding te horen en op het hoogtepunt van het album, het tweedelige Prayer, schakelde hij zelfs de volledige strijkerssectie van het Londense 12 Ensemble in.

Hoe dan ook, wat waren de fans lyrisch, toen in mei van dit jaar de eerste single, het breekbare Career Day, verscheen. En terecht. Ook dit is één van de highlights van het album omwille van de fantastische tekst en de prachtige samenzang met zijn vriendin Danielle Fricke. Het is één van die momenten waarin het licht door de duisternis priemt. En zo zijn er nog. Het prachtig opgebouwde en aanzwellende While I Can en de afsluiter Bygones bijvoorbeeld. Zelfs het van weemoed doordrongen Husk is door het zwierige refrein een baken van licht en troost.

Deze songs staan in contrast met de slagschaduw die songs zoals The Grand Old Reason, Self Portrait, Bed en de pianoballade Thesis werpen. Ook het eerste deel van Prayer is behoorlijk donker, maar wanneer de strijkers invallen, lijkt het alsof hij persoonlijk zijn vader ten paradijze begeleidt. Zonder schallende loftrompetten weliswaar, maar toch.

Met deze plaat en een dichtbundel - ‘Accident Dancing’ (uit op 22 oktober) - worden het weer dure dagen voor Hensons fans, maar wat een schoonheid kunnen ze in huis halen! Onbetaalbaar.



DaMusic 22-10-2020

Gebruikersavatar
Kilroy
Site Admin
Berichten: 19569
Lid geworden op: 15 sep 2012, 18:26
Locatie: Asper, België
Contacteer:

Re: Keaton Henson - Monument (Pias Records)

Bericht door Kilroy »

Keaton Henson – Monument (★★★★★): Kroniek van een aangekondigde dood.

Afbeelding

Hoe we muziek beoordelen, hangt vaak af van de context waarin we die beluisteren. Net zoals een horrorfilm plots veel minder eng is als je die rond de middag bekijkt, zo kan muziek ook haar impact missen als je die niet in de ‘juiste’ omstandigheden kan beluisteren (als er al zoiets bestaat als ‘juiste’ omstandigheden). Willen we eigenlijk zeggen dat Monument een album is waarvoor je best even gaat zitten, liggen, onderuit zakken met een koptelefoon op, waarbij je even je hart openstelt voor emoties? Ja, emoties! En laat Keaton Hensons nieuwe album nu net op een goed moment verschijnen. Terwijl het buiten opnieuw stevig herfstweer wordt, de temperaturen dalen en het coronavirus ons nog steeds vaker thuis houdt dan ons lief is, blijkt Monument een meer dan welkome compagnon in tijden van eenzaamheid en melancholie.

Anders dan bij rouwende albums als Carrie & Lowell van Sufjan Stevens, of Nick Caves Skeleton Key, heeft de dood op Monument nog niet toegeslagen. Ze zit echter al wel door het vensterraam te turen. Twee dagen nadat Keaton Henson zijn nieuwe plaat had afgewerkt, overleed zijn vader Nicky Henson aan een slepende ziekte. Op Monument heeft Henson het dus niet over het verlies en de dood van zijn vader, maar probeert hij het nakende einde een plaats te geven. Is de dood dragelijker als je weet dat die er zit aan te komen? En geldt die vraag eigenlijk niet voor iedereen? De enige zekerheid in het leven is immers de dood. Tot Elon Musk een manier vindt om eeuwig te leven, natuurlijk.

Henson legde de funderingen van Monument op haast dezelfde manier als zijn debuut Dear uit 2010: moederziel alleen met enkel een gitaar, piano en zijn stem. ‘But, once the bones were recorded, I was somewhat unexpectedly joined by an amazing group of people, who came to musically lift me on their shoulders,’ legt hij uit, ‘and take these unsaid feelings to another plain in terms of sound.’ Hij omringde zich met getalenteerde muzikanten als Philip Selway (Radiohead) op drums en percussie en Charlotte Harding die saxofoonarrangementen schreef. Op gitaar hoor je Leo Abrams (die al samenwerkte met Brian Eno, Jon Hopkins en Regina Spektor) en er verschijnt zelfs een heus strijkkwartet. Gedeelde smart is halve smart, en ook hier zorgen die samenwerkingen ervoor dat Henson niet verdrinkt in zijn eigen zwaarmoedigheid en het album niet te donker wordt.

De essentie van de plaat zit vervat in het tweeluik “Prayer” en “While I Can” die zich tot elkaar verhouden als vraag en antwoord. Je moet al uit heel sterk hout gesneden zijn om het droog te houden bij “Prayer”. Als de eenzame strofes en refreinen het niet doen, dan doet Henson er nog een schep bovenop in de meeslepende outro waarbij opwellende violen en knisperend geluid van vhs-banden Hensons jeugd tastbaar proberen te maken. In de muziekvideo zien we fragmenten van homevideo’s geprojecteerd op de muren van een leeg en eenzaam huis; herinneringen van een vervlogen tijd die bijna letterlijk als geesten door het huis spoken. Wanneer de violen uitsterven, horen we nog even Hensons vader in zijn aandoenlijk enthousiasme (‘Keaton, wave to daddy!’) voor ook hij verzwolgen wordt door de stilte.

Hoewel ze op de plaat met slechts enkele seconden stilte van elkaar gescheiden zijn, staat “While I Can” toch haast diametraal tegenover “Prayer”. Verknipte stemmen vormen een vreemd maar engelachtig koor terwijl Henson ons in de neerslachtige strofes op het verkeerde been probeert te zetten. Want in het refrein breekt plots een oogverblindende straal hoop door het pak donkere wolken met het niet mis te verstane ‘I wanna love you while I can’. Henson gooit alle registers open met optimistische drums, gitaren en een fijnzinnige saxofoonsolo waardoor “While I Can” plots de allures van een meezinger krijgt. Of hij ook ooit een publiek zover zal krijgen om ‘I wanna live with you, ’till you die’ mee te zingen, is een andere vraag.

Hensons manier om de slepende ziekte en nakende dood van zijn vader een plaats te geven, is door zijn vader opnieuw beter te leren kennen en door te genieten van de schaarse momenten dat ze nog bij elkaar konden zijn. In “Career Day” neemt hij een diepe duik in diens carrière als acteur. Van serieuze theaterstukken bij de Royal Shakespeare Company tot gastrolletjes in Britse soaps als Eastenders en Fawlty Towers was Nicky Henson een geliefd acteur bij het Britse publiek, zonder ooit echt die grote doorbraakrol te pakken te hebben gekregen. Keaton Henson tekent een schril contrast tussen de man die voor eeuwig te zien is op het scherm en de fragiele vader die bijna twintig jaar na zijn eerste diagnose toch het pleit tegen kanker verloor.

‘I’m so tired of waiting for bad news,’ geeft hij toe in “Bed”, een nummer dat leest als een biecht aan zijn vader in zijn ziekenhuisbed. Hij schurkt dicht tegen hem aan terwijl nachtgeluiden en cleane gitaren voor een intieme sfeer zorgen. Tijdens die slapeloze nachten blijven gedachten en vragen door zijn hoofd schieten en worden die op Monument vermalen tot heel herkenbare en pijnlijke nummers. Op “Self Portrait” werpt Henson een blik op de toekomst en beseft hij dat hij ook ooit voedsel voor wormen en bomen zal worden. In “Ontario” vervaagt de grens tussen vader en zoon nog verder. ‘I’m mostly medicine now, swimming the sea of deep haze,’ zucht hij, maar of hij daarmee zichzelf bedoelt, verdoofd door de angstremmers en antidepressiva, of zijn vader, afgemat door intensieve chemotherapie, laat hij in het midden.

Laat je niet misleiden door het optimistische, haast speelse “Husk”, want ook onderhuids walst Henson nog steeds op de slappe koord tussen hoop en wanhoop. ‘How the hands of the clock are beating to death our memories,’ klinkt het en verder horen we nog: ‘What use is breathing in if I’m nothing more than skin?’ Gelukkig is Hensons existentiële crisis net het meest toegankelijke en radiovriendelijke nummer van de plaat. Hij bewijst dat zijn kommer en kwel niet altijd hoeft te resulteren in pijnlijke tearjerkers en dat hij over veel meer kleuren beschikt om zijn canvas van rouw en verdriet te schilderen. Dat het nummer gesandwicht zit tussen “The Grand Old Reason” en “Thesis”, zowat de meest verstilde en zwaarmoedigste nummers op de plaat, zet zijn status als buitenbeentje nog meer in de verf. Monument is een heel uitgekiende plaat die je heel bewust niet probeert te overvallen met emoties. Het is intiem en minimalistisch wanneer het moet en extravert en kleurrijk wanneer het kan, maar altijd even openhartig en eerlijk.

“Ambulance” en “Bygones” zorgen voor twee mooie boeksteunen die het album openen en afsluiten. Muzikaal liggen ze in elkaars verlengde maar vooral tekstueel tonen beide nummers de hele weg die Henson op Monument heeft afgelegd. Begint het album nog met ‘I’m dancing myself to death’, dan eindigt hij met ‘I give up, I’m gonna live if it kills me’. Hij klinkt niet als iemand die wanhopig de handdoek in de ring gooit, maar als een man die de finaliteit van het leven accepteert en daarom ten volle van het leven probeert te genieten, hoe pijnlijk dat leven ook kan zijn. Op 55 minuten tijd de vijf fases van rouwverwerking doormaken? Keaton Henson kan dat.

Monument is geen leuke plaat. Je zal ze niet opzetten als er bezoek komt of als je gaat lopen. Maar Monument is wel een broodnodige plaat die met glans slaagt in zijn heel specifieke opzet. Het is een album waarop Keaton Henson afscheid neemt van een geliefde en heel openlijk worstelt met existentiële vragen over leven en dood. Hij leert ons dat die vragen net heel menselijk zijn en dat je ze niet hoeft te onderdrukken of weg te stoppen. “Bygones” eindigt niet toevallig met dertig seconden stilte. Alsof de naald van de platenspeler al terug is opgeschoven naar het begin en klaar staat om de volgende plaat af te spelen, maar je nog vastgenageld zit in je zetel, verzonken in je gedachten. Ga dus best zitten voor je aan Monument begint, want met zijn zachte en broze nummers weet Keaton Henson je opnieuw recht in het hart te raken.






Dansende Beren 23-10-2020

Plaats reactie